De Brusselse Regering keurt het Plan voor de inclusie van LGBTQIA+-personen 2022-2025 goed

Persbericht

De Brusselse Regering keurt het Plan voor de inclusie van LGBTQIA+-personen 2022-2025 goed

 

 

Op voorstel van de Staatssecretaris voor Gelijke Kansen Nawal Ben Hamou, heeft de Brusselse Regering het Plan voor de inclusie van LGBTQIA+-personen 2022-2025 op donderdag 3 februari definitief goedgekeurd. Het plan krijgt de steun van de verenigingssector, die nauw betrokken was bij de opstelling. Er worden 35 zeer concrete transversale acties voorgesteld die moeten zorgen voor een betere inclusie van LGBTQIA+-personen in Brussel.

Een betere inclusie van LGBTQIA+-personen, een echte noodzaak

Hoewel België een voortrekkersrol speelt inzake de eerbiediging van de grondrechten van LGBTQIA+-personen, is er echter nog een lange weg af te leggen voor de gelijkheid van deze mensen, zoals blijkt uit de laatste enquêtecijfers van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (FRA). Uit deze enquête blijkt dat in België 66% van de bevraagde personen nog steeds vermijdt elkaars hand vast te houden om te voorkomen dat ze worden aangestaard en dat 27% van de respondenten bepaalde plaatsen in de openbare ruimte vermijdt uit vrees te worden belaagd.

Er is ook ruimte voor verbetering in de strijd tegen discriminatie, aangezien 18% van de respondenten zich in het jaar voorafgaand aan de enquête gediscrimineerd voelde op de werkplek. Wat de bestrijding van geweld en intimidatie betreft, zijn de gerapporteerde cijfers zorgwekkend: 42% van de bevraagde personen zegt in het jaar voorafgaand aan de enquête te zijn lastiggevallen en één op de vijf trans- en intersekse personen is in de vijf jaar voorafgaand aan de enquête fysiek of seksueel aangerand.

Een transversaal plan waarover uitvoerig overleg werd gepleegd

Dit eerste Plan werd opgesteld in nauwe samenwerking met de Brusselse ministers en staatssecretarissen. "Concreet houdt dit in dat er maatregelen zijn genomen die van toepassing zijn op alle betrokken bevoegdheidsdomeinen van het Gewest, de FGC, de GGC, en de VGC: Gelijke kansen, Huisvesting, Openbaar Ambt en de Plaatselijke besturen, Werkgelegenheid, Preventie en Veiligheid, Stedenbouw en Ruimtelijke Ordening, Mobiliteit, Wetenschappelijk Onderzoek, het Imago van Brussel en Internationale Betrekkingen, Sport, Gezondheid en Gezin", verduidelijkt de Staatssecretaris voor Gelijke Kansen Nawal Ben Hamou.

Het plan is ook in grote mate gebaseerd op de aanbevelingen van de verenigingssector die tijdens de evaluatie van het vorige Plan werden ingewonnen. Daarbij werden vooral vier verbeteringspistes aangeduid:

  1. Geweld bestrijden en zorgen voor een doeltreffend vervolgingsbeleid, met name in samenwerking met de politie en het parket (voor 75% van de verenigingen)
  2. Sensibiliserings- en preventiemaatregelen doorvoeren (voor 71% van de verenigingen)
  3. Samenwerkingen, netwerkvorming en transversale acties stimuleren (voor 71% van de verenigingen)
  4. De regelgeving verbeteren (voor 67% van de verenigingen)

 

"De verenigingen die actief zijn op het terrein, zijn de belangrijkste deskundigen op het vlak van LGBTQIA+-kwesties, en hen raadplegen was voor mij een essentiële voorwaarde voor de opstelling van dit Plan. De verenigingssector heeft dus niet alleen bijgedragen aan de inhoud van dit Plan, maar zal ook nauw betrokken worden bij de uitvoering en de evaluatie ervan", voegt Nawal Ben Hamou eraan toe.

Een nauwgezette opvolging

Ter wille van de transparantie is elke maatregel in het Plan gepland, begroot en gekoppeld aan opvolgingsindicatoren.

Het plan zal regelmatig worden gemonitord door het Comité voor gelijke kansen (gewestelijke overheidsdiensten en ministeriële kabinetten) in samenwerking met de verenigingssector. Er zal in 2023 ook een tussentijds verslag worden opgesteld, dat door een externe partner zal worden gecoördineerd. De eindevaluatie zal ook door een dienstverlener worden uitgevoerd, om ervoor te zorgen dat het evaluatieproces grondig en neutraal verloopt. Deze laatste evaluatie en de concrete uitvoering van het Plan zullen door elk van de betrokken regeringsleden aan het Brussels Parlement (Commissie Gelijke Kansen) worden voorgelegd. “Deze drievoudige evaluatie is voor mij een essentiële garantie voor doeltreffendheid. Het is ook de bedoeling dat het Plan evolueert: door de regelmatige monitoring en het tussentijdse verslag kunnen we bepaalde maatregelen op punt stellen of nieuwe maatregelen nemen, als dat nodig blijkt", besluit de staatssecretaris voor Gelijke Kansen.

 

Voor minister-president Rudi Vervoort, belast met Territoriale Ontwikkeling en Stadsvernieuwing, Toerisme en de Promotie van het Imago van Brussel: “Het Brussels Gewest moet een veilige plek zijn voor alle inwoners, bezoekers en toeristen en dat ongeacht achtergrond, geaardheid of eender welk kenmerk. Dat is de evidentie zelf en daar is geen discussie over mogelijk. Daarom investeert het Gewest fors in veiligheid. Naast het algemeen veiligheidsplan en de talrijke acties die we reeds op poten hebben gezet gaan we (binnen de limieten van onze bevoegdheden) ook een aantal specifieke acties met de politie uitwerken. Zo gaan we namelijk de gegevensverzameling inzake geweld en discriminatie jegens LGBTQIA+personen optimaliseren. Via deze cijfers kunnen we zowel de opvang van slachtoffers verbeteren, maar kunnen we ook gemakkelijker de publieke ruimtes detecteren waar er onveilige situaties plaatsvinden. Op die manier kunnen we onze diensten preventief en reactief inzetten, zodat de veiligheid van eenieder gewaarborgd blijft.”

Voor Elke Van den Brandt, minister van Mobiliteit en voorzitster van de VGC: "De openbare ruimte is van iedereen. Iedereen moet zich er veilig kunnen voelen, ongeacht gender, identiteit en seksuele geaardheid. Daarom moeten we, met de hulp van experts in diversiteit en inclusie van LGBTQIA+-personen, beter begrijpen welke sociaal-psychologische factoren er spelen tijdens hun verplaatsingen. We moeten de openbare ruimte aanpassen aan deze doelgroepen, de beveiliging versterken en zorgen voor openbaar vervoer waar je je op je gemak kunt voelen. Zo werken we aan een inclusiever Brussel, waar iedereen gelijk behandeld wordt."

Voor Alain Maron, Brussels minister van Gezondheid en Welzijn: “Hoewel België, en Brussel in het bijzonder, een voortrekkersrol speelt wat betreft de eerbiediging van de grondrechten van LGBTQIA+-personen, is er nog een lange weg te gaan naar gelijkheid. Ik ben ervan overtuigd dat dit plan een verdere stap is in het bevorderen van deze rechten, met name op het gebied van gezondheidszorg en sociale ondersteuning voor LGBTQIA+-personen.”

Voor Sven Gatz, minister van Financiën, Begroting en Openbaar Ambt: “De strijd voor gelijke rechten is voor velen uit de LGBTQ+ gemeenschap nog lang niet gestreden. Daarom kwamen we overeen dit LGBTQIA+-actieplan op te stellen, waarin de Brusselse regering alle aspecten van deze thematiek wil behandelen. Vanuit mijn bevoegdheid voor openbaar ambt zal ik vooral mikken op de opleiding en bewustmaking over de inclusie van LGBTQIA+-personen bij overheidsinstellingen.”

Pour Bernard Clerfayt, ministre de l’Emploi et des Pouvoirs locaux  : « Pour les personnes LGBTQIA+, comme pour toutes les autres personnes victimes de discrimination, l’accès à un emploi décent peut ressembler à un véritable parcours du combattant. Pourtant, la diversité sur le marché du travail est une valeur fondamentale, susceptible de favoriser la croissance de l’activité économique. Nous menons, avec Actiris, des actions de sensibilisation tant auprès des entreprises privées que publiques pour faire évoluer les mentalités et les pratiques afin de bâtir, ensemble, une société inclusive et tolérante. Et très prochainement je présenterai ma stratégie pour lutter contre toutes les discriminations à l’embauche. »

Voor Barbara Trachte, staatssecretaris voor Wetenschappelijk Onderzoek en minister-voorzitter van de Cocof, belast met Gezondheidspromotie: “Het niet-stigmatiseren van LGBTQIA+-personen en het rekening houden met hun specificiteiten door de verschillende diensten en verenigingen van de FGC zijn essentiële beleidslijnen. Het is van fundamenteel belang dat wij via dit plan steun blijven verlenen aan alle projecten die gericht zijn op meer inclusiviteit voor LGBTQIA+-personen.”

Voor Pascal Smet, staatssecretaris belast met Stedenbouw, Erfgoed en Europese en Internationale Betrekkingen: “Stedenbouw en ruimtelijke ordening hebben een cruciale invloed op de samenleving en de inclusie van alle personen, ongeacht hun geslacht, genderidentiteit of seksuele oriëntatie. Met dit plan willen we ervoor zorgen dat LGBTQIA+-personen zich welkom voelen in het Brussels Gewest, in de openbare ruimte, in het nachtleven en de cultuurbeleving, in de sport, op het openbaar vervoer, in de parken, enz. Hiernaast is ook de internationale dimensie belangrijk: de strategische positie van Brussel als hoofdstad van Europa en zetel van veel internationale instellingen versterkt de rol van Brussel als ambassadeur voor goede praktijken op het gebied van de inclusie van LGBTQIA+ personen. Ik ben dan ook trots dat we als Brusselse Regering onze schouders kunnen zetten onder dit actieplan.”


Hier vindt u het Plan voor de inclusie van LGBTQIA+-personen

 

Meer info?

Kabinet Vervoort : Nancy Ngoma – 0477 75 65 82
Kabinet Van den Brandt : Marie Thibaut de Maisières – 0477 25 19 51
Cabinet Maron : Simon Vandamme – 0479 660 323
Cabinet Gatz : Amil Djellal – 0490 14 04 13
Cabinet Clerfayt : Pauline Lorbat – 0485 89 47 45
Cabinet Ben Hamou : Annaïk de Voghel – 0472 71 99 31
Cabinet Trachte : Nicolas Roelens – 0485 89 83 95
Cabinet Smet : Marc Debont – 0473 98 08 75

Tags: